Je vlucht is geboekt en de accommodatie staat vast. Maar dan sta je ineens op het terras bij Cala Nova met een haperende pinpas. Hoe betaal je hier eigenlijk je cortado. Of je vraagt je af of dat water uit de kraan wel te drinken is als je midden in de nacht dorst krijgt. Veel mensen vergeten de praktische kant van het eiland tot ze er al zijn.
Betalen op Ibiza: pinnen en contant geld
Spanje gebruikt de euro. Je kunt op Ibiza tegenwoordig bijna overal contactloos afrekenen. Zelfs die kledingkraampjes op de woensdagmarkt in Es Canar hebben een pinapparaat liggen. Maar neem voor de zekerheid toch altijd wat contant geld mee. Pinautomaten zijn schaars zodra je de grotere dorpen verlaat. En je hebt muntgeld nodig voor een fooi. Let wel even heel goed op als je net uit het vliegtuig stapt. De geldautomaten in de aankomsthal zijn van die vage commerciële bedrijfjes die gerust vier euro transactiekosten rekenen voor het opnemen van je eigen geld. Loop daar gewoon voorbij. Haal je briefgeld liever uit een automaat van de CaixaBank of Santander zodra je de koffers in de huurauto hebt gegooid en in je eigen dorp bent aangekomen.
Postzegels en de Spaanse post
Een kaartje sturen is wat ouderwets. Toch blijven we het doen. Een postzegel naar Nederland of België kost je tegenwoordig €1,75. Probeer ze alleen niet te zoeken bij de grote Eroski supermarkt aan de rand van Ibiza-stad. Je moet voor zegels echt naar het postkantoor of een tabakszaak. Zo’n typisch krappe estanco die je herkent aan het felle geel-bruine uithangbord waar met grote letters Tabacos op staat en waar de eigenaar vaak ook nog loten voor de kerstloterij over de toonbank schuift terwijl z’n radio hard aan staat. De echte postkantoren (Correos) hebben wat strakke tijden. Doordeweeks sluiten ze de deuren stipt om twee uur ‘s middags. Zaterdags ben je na enen al te laat.
Kraanwater drinken
Bestel je water op het terras, dan krijg je een fles. Een karaf kraanwater neerzetten doen ze hier simpelweg niet. Je kiest uit con gas of sin gas. Dat water uit de kraan is op Ibiza in principe veilig. De meesten drinken het alleen niet omdat het door de ontziltingsinstallaties een heftige chloorsmaak heeft overgehouden. Tanden poetsen gaat prima. Voor je ochtendkoffie haal je beter zo’n enorme acht-liter fles mineraalwater bij de buurtsuper. Die kosten nog geen twee euro. Vraag je in een restaurant toch stug om een glas kraanwater omdat je geen zin hebt in een fles, dan mag de eigenaar daar gewoon geld voor rekenen. Dat broodmandje met aioli wat ze ongevraagd op tafel parkeren staat aan het eind van de avond overigens ook gewoon op je bon.
Spaans, Catalaans en Ibicenco
De officiële taal van de Balearen is Catalaans. Op dit eiland praten de locals een eigen variant. Het Ibicenco. Spreek je dat niet? Geen probleem. Met het normale Spaans kom je overal. In de strandtenten in het zuiden schakelt het personeel bovendien vaak al over op Engels voordat je überhaupt hebt nagedacht over je bestelling. Dus je redt je altijd wel.
De lokale taal in de praktijk
In plaats van thuis een app te downloaden en rijtjes te stampen, pak je onderweg gewoon wat woorden mee. Loop je ‘s ochtends de bakker in Santa Gertrudis binnen voor een ensaimada. Zeg dan Bon dia in plaats van het standaard Spaans. Bij het afrekenen roep je een snelle Gràcies. Ga je ‘s avonds ergens in het binnenland eten, dan roepen de ober en de mensen aan de tafeltjes naast je elkaar vaak Bon profit toe als de borden op tafel komen. Smakelijk eten. Op de kaart zie je trouwens vaak aigua staan in plaats van agua. En als je de weg kwijt bent in de steile straatjes van de oude stad navigeer je via een carrer naar een restaurant. Dat schrijven ze hier exact hetzelfde als bij ons. Ze spreken het alleen een beetje op z’n Frans uit.