Je rijdt vanuit Sant Josep in een kwartier over de PM-803 naar beneden. De weg slingert stevig door de heuvels. Tussen de pijnbomen door zie je dan opeens de zee liggen. Verwacht hier geen geheim strandje waar je de enige bent, want dat stadium is Cala Vadella al ergens rond 2015 gepasseerd. Zeker in juli lig je gewoon handdoek aan handdoek. Maar de sfeer is compleet anders dan bij de grote clubs rond Ibiza-stad. Geen dreunende bassen. Hier zie je vooral Spaanse gezinnen en stelletjes die urenlang een boek lezen of wat ronddobberen in het kalme water, terwijl er altijd wel iemand op het zand achterblijft om de koelbox met lauwe blikjes Fanta te bewaken.
Zwemmen in een hoefijzer
De inham snijdt ver het land in. Hierdoor slaat de ruwe zee zichzelf stuk voordat de golven het strand kunnen bereiken. Ideaal als je zonder zout in je ogen baantjes wilt trekken. Het zand loopt heel geleidelijk af in zee. Aan de zijkanten staan van die oude vissershuisjes met verweerde houten deuren. Leg je handdoek daar lekker tegenaan als het in het midden te druk wordt. Begin juni spoelt er nog weleens een flinke lading donkerbruin zeewier aan op de vloedlijn. Ze ruimen dat niet altijd meteen op. Je stapt er gewoon even overheen en dan sta je in helder water.
Paella en supermarktijsjes
Direct aan het zand vind je een handjevol restaurants. Je loopt vanaf je plekje letterlijk zo het terras op. Cana Sofia is een lokaal begrip voor verse vis. Een flink stuk tonijn kost je daar wel al snel 28 euro. Voor een enorme pan paella schuif je aan bij Restaurante Maria Luisa. De obers werken zich daar in de brandende zon het zweet op de rug met loodzware dienbladen vol glazen sangria. Er is een veel goedkopere optie. Vlak achter de baai zit een kleine buurtsupermarkt (een Spar, geloof ik). Haal daar halverwege de middag gewoon een fles ijskoud water of een Calippo voor twee euro. Dat scheelt toch weer als je er de hele dag hangt.
De klif op of het water in
Je hoeft niet urenlang stil te liggen. Voor twintig euro per uur huur je zo’n plastic waterfiets met een glijbaantje achterop. Dat voelt behoorlijk kinderachtig. Toch is het veruit de handigste manier om de steile rotswanden aan de uiteinden van de baai van dichtbij te bekijken. Aan de rechterkant zwemmen vaak mensen met een duikbril vlak langs de stenen op zoek naar kleine vissen. Aan de linkerkant begint een onverhard wandelpad omhoog. Je klimt over rood zand en losse keien naar de top van de klif. Boven kijk je recht op de boten die in de baai voor anker liggen, al moet je wel goed blijven opletten waar je je voeten neerzet want de rand is nergens afgezet.
Parkeren: kom vroeg of neem de bus
Beneden in het dorp liggen wat parkeervakken langs de doorgaande weg. In mei of oktober gooi je je huurauto daar moeiteloos neer. Hartje zomer is het vechten om een plekje. Je draait dan zomaar vier keer hetzelfde rondje in de hoop dat er toevallig iemand z’n sleutels pakt om te vertrekken. Er ligt een onverhard stukje grond iets verder de heuvel op waar vaak nog wel een gaatje is. Je auto bakt daar wel de hele middag in de volle zon. Dus kom voor tienen. Een heel goed alternatief is buslijn 41 vanuit Sant Antoni. Die vertrekt redelijk op tijd en dropt je vlak bij het zand.
Zonsondergang zonder applaus
Cala Vadella ligt vol op het westen. Vanaf een uur of acht schuift iedereen langzaam richting de vloedlijn. Mensen halen nog snel een ijskoude San Miguel bij het winkeltje of bestellen een laatste ronde op het terras. De zon zakt hier exact tussen de twee rotswanden in de zee. Er zijn geen strandfeesten. Geen juichende massa’s zoals op de Strip in San Antonio. Je hoort het kabbelende water en mensen die zachtjes praten over waar ze straks gaan eten. Zodra de zon weg is koelt het verraderlijk snel af. Bijna iedereen pakt dan direct de spullen in om terug te rijden naar het hotel en te gaan douchen.
Recommended experiences
A few bookable experiences related to this topic:
Photo: sven.h, via Wikimedia Commons
